Renteaftrek maximaal dertig jaar: ‘Er komt een bak ellende op ons af’

23 juni 2026

Renteaftrek maximaal dertig jaar: ‘Er komt een bak ellende op ons af’

 

Strenge regels rond de hypotheekrenteaftrek (maximaal 30 jaar en sinds 2013 verplichte aflossing) zorgen in de praktijk nu al voor problemen. Huiseigenaren kunnen daardoor soms hun recht op aftrek verliezen door complexe overgangsregels of fouten in advies.


Hypotheekadviseurs en banken waarschuwen dat de regels steeds moeilijker uitvoerbaar worden en al tot fouten en schadegevallen leiden. Economen vinden juist dat de verantwoordelijkheid bij de huiseigenaar moet liggen om aan te tonen dat hij recht heeft op aftrek, net als bij andere belastingvoordelen. De Vereniging Eigen Huis pleit daarentegen voor versoepeling, omdat dertig jaar administratie bijhouden in de praktijk vaak onhaalbaar is.


Aanvullende recente ontwikkelingen (laatste maanden)

Uit recente beleidsstukken en discussies in 2026 blijkt dat:


  • De overheid erkent dat vooral de combinatie van 30-jaarstermijn + aflossingseis + wisselende hypotheken leidt tot uitvoeringsproblemen en fouten in aangiftes
  • De Belastingdienst verwacht dat het probleem in de komende jaren groter wordt door verouderde administratie en moeilijke bewijsvoering, vooral bij oudere hypotheken uit vóór 2013
  • In de politiek speelt daarnaast discussie over de samenhang met box 3, omdat na 30 jaar renteaftrek de schuld daar kan landen en de fiscale effecten kunnen verschuiven
  • Tegelijk is er geen grote beleidswijziging doorgevoerd: de 30-jaarstermijn blijft staan en geldt nog steeds als uitgangspunt voor nieuwe en verhoogde hypotheken

 

Kernbeeld

De kern van het debat is daardoor niet veranderd, maar wel scherper geworden:



  • De regels zijn formeel duidelijk
  • Maar praktisch steeds lastiger uitvoerbaar
  • En politiek groeit de discussie over vereenvoudiging of verschuiving naar strengere eigen verantwoordelijkheid


Meer informatie

Heb je vragen? Neem contact met ons op.

bestuurder bestelauto
Onderhoud onroerend goed en BTW aftrek
door Amolé BV 25 juni 2026
Omdat het leven nog niet ingewikkeld genoeg is, is vanaf 1 januari 2026 een nieuwe regel in werking getreden waarbij investeringsdiensten aan onroerend goed van boven de 30.000 euro een herzieningsperiode krijgen voor de BTW van 5 jaar. Dit houdt praktisch in dat als je je bedrijfspand laat schilderen voor 35.000 euro er 5 jaar lang moet worden bekeken of de activiteiten in dit pand nog voor de BTW belastbaar zijn en in welke verhouding dat is. Als de BTW voor 100% is afgetrokken en de activiteiten in het pand veranderen binnen deze 5 jaar naar 50% belaste activiteiten/ 50% vrijgestelde activiteiten, de 100% aftrek wordt gecorrigeerd. Waarom is dit lastig? Er zijn al regelingen voor herziening van de BTW voor onroerend goed (10 jaar) en roerende goederen (5 jaar) dus waarom is dit lastig. Roerende en onroerende goederen staan op de balans en hier wordt over afgeschreven. Dit is elk jaar zichtbaar. De onderhoudskosten zoals schilderwerk, lopen door de kosten in de Winst- en Verliesrekening, zodat de kosten allemaal in dit jaar vallen (dit wil je zo en dit hoort ook zo). In de jaren nadat ze door de Winst- en Verliesrekening heen gaan, zie je ze niet meer. Dit wordt een apart lijstje bijhouden wat altijd een keer fout gaat. Hoe kan dit worden voorkomen? Wellicht is het splitsen van de diensten een optie (verschillende offertes en facturen) en eventueel als het mogelijk is, een deel over de balansdatum (31 december) heen te tillen. Meer informatie Heb je vragen? Neem contact met ons op.
door Amolé BV 23 juni 2026
Mijn naam is Pavit Seistani, ik ben 20 jaar oud en ik studeer Economics & Business Economics aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Binnen Amolé ben ik werkzaam op de accountingafdeling, waar ik bedrijven ondersteun bij hun administratieve en financiële processen. Wat mij aanspreekt aan Amolé is de combinatie van professionaliteit, persoonlijke betrokkenheid en de mogelijkheid om mezelf continu verder te ontwikkelen binnen de financiële sector. Ik haal veel voldoening uit het ondersteunen van ondernemingen, het samenwerken met verschillende bedrijven en het voortdurend uitbreiden van mijn kennis binnen de financiële wereld. Ik word omschreven als rustig, sociaal en nauwkeurig. Daarnaast werk ik gestructureerd, neem ik verantwoordelijkheid serieus en vind ik het belangrijk om op een betrouwbare en professionele manier samen te werken met zowel collega’s als klanten. In mijn vrije tijd breng ik graag tijd door met familie en vrienden, sport ik regelmatig en speel ik graag padel en voetbal. Ik kijk ernaar uit om mezelf verder te ontwikkelen binnen Amolé en een positieve bijdrage te leveren aan zowel het team als de klanten, waarmee ik graag een fijne samenwerking aanga.
door Amolé BV 23 juni 2026
Vanaf 2027 krijgen werkgevers te maken met een extra belasting op zakelijke personenauto’s met een verbrandingsmotor (benzine, diesel of hybride) die ook privé gebruikt mogen worden. Wat houdt dit in? Werkgevers betalen een extra heffing van circa 12% van de cataloguswaarde. Deze regeling geldt niet voor elektrische auto’s die vanaf 1 januari 2027 ter beschikking worden gesteld aan werknemers. Doel: elektrisch rijden aantrekkelijker maken. Let op: woon-werkverkeer telt als privé. Voor de werknemer die de auto zakelijk gebruikt maar die de auto ook gebruikt voor woon-werk verkeer valt dus onder de pseudo-eindheffing regeling. Overgangsregeling : auto's die vóór 1 januari 2027 ter beschikking zijn gesteld geldt dat de wijziging pas ingaat na 31 december 2030. Er zit een belangrijke nuance in deze regeling: Voor deze extra belasting wordt woon-werkverkeer gezien als privégebruik (volgens de btw-regels). Dat wijkt af van de inkomstenbelasting, waar woon-werkverkeer juist als zakelijk geldt. Belangrijk om te weten Werkgevers mogen deze extra belasting niet doorberekenen aan medewerkers . Meer informatie Heb je vragen? Neem contact met ons op.